DE VOORRONDES
1. Voorrondes zijn alle wedstrijden die door Team Solid worden georganiseerd en die bij winst zorgen voor deelname ‘The Battle’.
2. Deelnemers hoeven geen lid te zijn van een vereniging.
3. Voor de voorrondes kunnen aangepaste regels van toepassing zijn.
Wedstrijdregels en voorschriften
DE GEWICHTSKLASSEN
Per deelnemer mag men maximaal in 2 gewichtsklassen rechts en twee gewichtsklassen links meestrijden. Bij voldoende deelnemers (minimaal 4 per klasse) zullen er in de volgende gewichtsklasse gestreden worden:
WEIGHT CLASSES:
Youth:
Open class
Men right/left arm:
-75 kg., -90 kg., -105kg en 105+ kg.
Women right/left arm:
-75 kg,, 75+ kg
Masters left/right arm:
-90 kg., 90+ kg
Deelname:
10,- EUR per arm
INSCHRIJVING EN WEGING
1. Een deelnemer mag tijdens de weging alleen worden bijgestaan door een vertegenwoordiger.
3. De weging en inschrijving zal 1 uur voor de wedstrijd begint plaatsvinden en 20 minuten voor aanvang van de wedstrijd sluiten.
3. Alle wegingen worden gedaan op door Team Solid goedgekeurde weegschalen, er mogen meer dan 1 goedgekeurde weegschalen gebruikt worden.
4. De weegschaal behoort tot ..,0 aan te geven om in de juiste gewichtsklasse deel te mogen nemen.(dus bij -75 kg klasse mag het gewicht niet meer zijn dan 75,0, enz).
5. Een deelnemer mag in zijn gewichtsklasse en/of in één hogere gewichtsklasse zowel links- als rechtshandig deelnemen.
6. Er zal geen discussie tijdens de weging mogelijk zijn.
7. Bij de indeling van de gewichtsklasse wordt er met een systeem van willekeurige loting gewerkt, waarop absoluut geen uitzonderingen gemaakt worden.
8. Het hoofd van inschrijving en weging houd de eindverantwoording voor de juistheid van weging en identiteit.
KLEDING EN DERGELIJKE
Bij een verenigingsshirt mogen de mouwen niet over de elleboog heen komen, korte of geen mouwen is dus aangeraden.
1. Het dragen van sportschoeisel is verplicht.
2. Het dragen van een sportbroek, kort of lang is verplicht.
3. De vingernagels dienen kort geknipt te zijn.
4. Armbanden sieraden en bandages zijn niet toegestaan om de strijdende arm. Deelnemers mogen wel hun trouwring om hun strijdende hand laten zitten als de scheidsrechter het goedkeurt.
5. Hoofddeksels met naar voor uitstekende delen zoals kleppen e.d. zijn tijdens de strijd niet toegestaan.
WEDSTRIJDTAFEL
1. Tafel: Hoogte staande positie 100cm.
2. Tafel top: 90 cm lang en 65 cm breed.
3. Elleboog kussentjes: Hebben een afmeting van 18x18cm en zijn 5 cm hoog.
Ze zijn gemaakt van een harde ondergrond beplakt met schuimrubber en bedekt met vinyl.
4. Touch Pads: Hebben een afmeting van 30x 5cm en 10 cm hoog.
(Raakkussen) Ze zijn gemaakt van een harde ondergrond beplakt met schuimrubber en bedekt met vinyl.
5. Of Raak-elastiek: Hebben een lengte van 30 cm en worden op 2 steunen van 10 cm
hoog geplaatst. Ze worden van een hoge kwaliteitselastiek gemaakt
6. Plaatsing: Het elleboog kussentje wordt 5 cm van de tafelrand geplaatst alle 4 de kussentjes zijn ieder bevestigd met 2 bouten van 4cm lang en vallen in de tafel met voorgeboorde gaten, die met een ijzen huls over het vinyl en door de tafel heen geplaatst wordt. Het Raakkussentje of elastiek wordt vanuit het midden van de lengte gemeten, vanuit deze hoogte wordt het geheel 17 cm vanaf de bovenste linkerhoek van het elleboog kussentje geplaatst in een hoek van 45° geplaatst. Alle 4 de kussentjes zijn omzet voor links als rechtshandig, hiervoor moeten de bevestigingsgaten ook contra geboord worden.
CONTRA voor linkshandig
MAGNESIUM
1. Een standaard voor magnesium dient bij de tafel geplaatst te worden (wel buiten het bereik van de deelnemers tijdens de strijd).
2. Het magnesium mag voor de opstelling van de wedstrijd gebruikt worden door de deelnemers.
PODIA
1. Podia en andere verhogingen dienen veilig voor deelnemers betreden te kunnen worden zonder dat de deelnemers hierbij letsel kunnen oplopen.
2. De toegang tot het podium moet veilig en gemakkelijk te betreden zijn voor elke deelnemer.
3. Podia behoren niet toegankelijk te zijn voor het publiek.
VERHOGINGEN
1. Verhogingen worden gebruikt door deelnemers die een hoogte nadeel hebben.
2. Verhogingen dienen maximaal 10 cm hoog te zijn..
3. Verhogingen behoren een ruw bovenvlak te hebben om uitglijden van de deelnemer te voorkomen.
STRAPS
Een strap is een band van ± 2,5cm breed ± 100cm lang en mag een metalen of plastic sluiting
hebben.
SCHEIDSRECHTERS
HOOFD SCHEIDSRECHTER
1. Wordt benoemd door het bestuur van de NLAB.
SCHEIDRECHTER
1. Is zelf verantwoordelijk voor het dragen van scheidsrechterkleding. Dit is een wit/zwart gestreept shirt.
2. Is zelf verantwoordelijk voor het op de hoogte zijn van de nieuwe regels.
3. Is verantwoordelijk voor een professionele opstelling gedurende de wedstrijd. Hij/zij mag niet partijdig zijn door bv. één van de deelnemers te feliciteren. Hij mag wel beide feliciteren bij een goed gestreden strijd.
4. Een scheidrechter mag scheidsrechteren in een klasse waarin zij zelf niet strijden.
ALGEMENE WEDSTRIJDREGELS
1. Er wordt met dubbele eliminatie ( double elimination) gestreden, dat houd in dat bij twee keer verliezen de deelnemer uit de strijd ligt.
2. Individuen mogen niet binnen een straal van een 2 meter bij de tafel komen.
3. Elke deelnemer van een gewichtsklasse zal opgeroepen worden voor deze gewichtsklasse begint. Men wordt geacht tijdens deze gewichtsklasse klaar te staan.
4. De deelnemer wordt door de presentator aan de tafel geroepen.
5. Iedereen die aan de tafel verschijnt, schudt de hand van zijn/haar tegenstand(st)er.
6. Elke deelnemer behoort op de hoogte te zijn van de Engelse benamingen en aanwijzingen van de scheidsrechter:
Ready go (startsein) Knuckles (knokkels)
Elbows down (Ellebogen neerzetten) Wrist (pols)
Shoulders (schouders) Stop (stoppen)
Warning (waarschuwing) Winner (winnaar)
Dangerous position (gevaarlijke positie) Referees Grip (Scheidsrechters grip)
Back (terug) Thumb Down (duim naar beneden)
Don’t move (niet bewegen) Center (Midden van de tafel)
Bodycontact
Het woord Shoulder zal men gebruiken bij een gevaarlijke positie.
7. De minimum leeftijd om aan een wedstrijd deel te mogen nemen is 16 jaar.
8. Bij wedstrijden wordt er een minimum van één scheidsrechter bij één tafel verwacht.
9. Wedstrijden mogen rechts- en linkshandig gestreden worden, met senioren, junioren en masters.
10. Elke gewichtsklasse wordt aan één tafel gestreden.
11. Gestart wordt met de linkshandige wedstrijden, te beginnen bij de lichtste klasse oplopend naar de zwaarste klasse, vervolgens rechtshandig van licht naar zwaar.
12. Bij (inter)nationale wedstrijden wordt er altijd met de dames klasse gestart.
13. Er wordt in een klasse niet tweemaal tegen dezelfde deelnemer gestreden, tenzij er wordt gestreden voor een eerste, tweede of derde plaats.
14. Er worden geen gewichtsvoordelen gegeven.
15. Alle deelnemers worden voor aanvang van de wedstrijden gewogen.
16. De deelnemers mogen bij het inwegen voor maximaal één hogere gewichtsklasse kiezen om aan deel te nemen.
17. De uiteindelijke beslissing is te allen tijde aan de scheidsrechter(s).
18. Als een scheidsrechter bij de tafel staat mag hij niet meer vervangen worden.
19. Scheidsrechters mogen de deelnemers alleen aanraken bij het opzetten, als ze een fout maken of als ze de strijd geleverd hebben.
20. Magnesiumpoeder mag gebruikt worden.
21. Er wordt een band (strap)gebruikt na het los slippen, dit gebeurt boven de ‘neutrale’ stand van de tafel. (artikel 16 wedstrijdvoorschriften en regels)
22. Verhogingen mogen gebruikt worden aan de tafel.
23. Sportiviteit is geboden. Het tegenspreken van de scheidsrechter resulteert in een gegeven fout of in het uitsluiten van deelname aan de wedstrijd.
fout of in het uitsluiten van deelname aan de wedstrijd.
WEDSTRIJDREGELS TIJDENS DE OPSTELLING
1. Er wordt te allen tijde gestreden met de duimgrip (thumb grip) en de knokkels (knuckle) van de duimen moeten te zien zijn.
2. De strijdende polsen moeten recht staan voor de start. (straight wrist)
3. De in elkaar gesloten handen moeten in het centrum (center) van de tafel staan.
4. De schouders (shoulders) moeten evenwijdig aan de tafel zijn voor de start.
5. De strijdende elleboog (elbow) moet tijdens de wedstrijd continu in contact staan met het elleboog kussentje (elbow pad).
6. De vrije hand moet tijdens de wedstrijd continu het handvat (the peg) vasthouden.
7. De scheidsrechter moet een gesloten vuist tussen hand en schouder kunnen plaatsen voor de wedstrijd begint.
9. Deelnemers moeten te allen tijde één voet op de grond hebben staan.
10. Deelnemers moeten beide, voor de start, gelijke krachten opbouwen.
11. Deelnemers moeten binnen een minuut hun handen in elkaar hebben gezet.
12. Na 1 minuut worden de handen door de scheidsrechter in elkaar gezet (“referees grip” zie artikel15 wedstrijdvoorschriften en regels).
13. Er mogen geen bewegingen meer gemaakt worden tot de start, nadat de scheidsrechter de handen in elkaar heeft gezet.
14. Deelnemers mogen, als beide akkoord gaan, vóór de minuut om is vragen om een scheidsrechters grip.
15. Het startsignaal van de scheidsrechter moet “ready, go” zijn.
16. Deelnemers mogen de wedstrijd niet opzettelijk uitstellen.
FOUTGEVING BIJ EEN WEDSTRIJD
1 Bij foutief handelen van de deelnemers moeten deze fouten verbaal worden medegedeeld wat leidt tot een foutgeving.
2. Alle deelnemers moeten bij elke combinatie van twee fouten de wedstrijd verliezen, tenzij de deelnemer in de verliezende positie.
4. Alleen één fout leidt tot een verlies als de deelnemer in de verliezende positie is.
5. Na een fout is 30 seconden rust toegestaan.
ONTSTAAN FOUTGEVING
Fouten worden gegeven als:
1. De deelnemer niet binnen 1 minuut na oproeping aan de tafel verschijnt.
2. De vrije hand niet gedurende de hele wedstrijd in contact staan met het handvat.
3. De elleboog niet gedurende de hele wedstrijd op het kussentje staat
4. De deelnemer met zijn schouder voorbij de middellijn gaat.
5. De deelnemer lichaamscontact (bodycontact) maakt met schouder of hoofd.
6. De deelnemer opzettelijk zijn hand in de schouder van zijn tegenstander duwt.
7. Als hij beide voeten van de grond haalt bij een staande wedstrijd.
8. Expres de start van de wedstrijd vertraagt.
9. De deelnemer met opzet een fout creëert of maakt bij zijn tegenstander na de “Go”.
10. De 1e valse start is een waarschuwing, daarna is het een fout.
11. De deelnemer mag zelf geen beweging maken tijdens een “referees grip”, bij elke beweging zal 1 fout worden gegeven.
ELLEBOOG FOUT
Een elleboog fout wordt gegeven als de elleboog van de deelnemer het contact verliest met het elleboog kussen. Contactverlies met het kussen wordt beschouwd als de deelnemer:
1. De elleboog verticaal van het kussen tilt, ongeacht op welke wijze, zo lang er ruimte zit tussen het kussen en de elleboog.
2. Zijn elleboog over de rand van het kussen laat glijden.
3. Als, aan het begin of tijdens de wedstrijd, de deelnemers tegelijkertijd de ellebogen van de kussens aftillen, wordt de wedstrijd gestopt en herstart. Hier wordt geen fout voor gegeven en komt zelden voor.
SLIP OUT
De scheidsrechter beroept zich op een slip out als:
1. De deelnemer zijn vingers van de tegenstanders hand tilt voorafgaand aan een slip
2. De deelnemer zijn vingers sluit om een vuist te maken binnen de hand van de tegenstander
3. De deelnemer zich in een gebroken pols positie bevindt en zijn vingers in de hand van zijn tegenstander houdt waardoor hij zijn grip verliest.
4. Als de deelnemer tijdens de wedstrijd in een verliezende positie een slip out veroorzaakt (meer dan 2/3 vanuit het midden), verliest deze deelnemer de wedstrijd. Iedere opzettelijke slip out is een fout.
5. Straps worden gebruikt als een welke wedstrijd dan ook eindigt door een slip out welke
niet eindigt in een fout.
WAARSCHUWINGEN
De 2e waarschuwing resulteert in een fout.
1. Voor iedere voortijdige beweging van de schouders, arm, hand of vingers wordt een waarschuwing gegeven, behalve als de deelnemers zich in een “referees grip” bevinden. Dan wordt deze als fout beschouwd.
2. Als een van de deelnemers het opzetten vertraagd zal de scheidsrechter deze deelnemer een waarschuwing geven.
3. Het loslaten van het handvat resulteert in een waarschuwing zonder de wedstrijd te stoppen. Als een voordeel is behaald voorafgaand aan het opnieuw vasthouden van het handvat, zal de wedstrijd worden gestopt en krijgt deze deelnemer een fout. Als de deelnemer maar één hand of arm heeft, hoeft deze het handvat niet vast te houden.
MANIEREN OM EEN WEDTRIJD TE WINNEN
1. AANRAKING VAN DE “ PIN-KUSSEN”
De deelnemer moet een gedeelte van de tegenstander zijn pols tot vingertoppen het kussen of elastiek laten raken. Als de deelnemers rechts zijn moet de winnende deelnemer het tegenovergestelde kussen, aan de linkerkant, raken. Bij linkshandige wedstrijden is dit de tegenovergestelde kant.
2. PARALLEL”PIN”
De deelnemer moet een gedeelte van de tegenstander zijn pols tot vingertoppen onder de lijn van het ‘pin kussen’ brengen. Bij een rechtshandige wedstrijd, moet de winnende deelnemer de tegenstander zijn hand beneden de lijn van het linker ‘pin kussen’ brengen, bij linkshandige wedstrijden is dit de tegenovergestelde kant.
3. RESTART
De enige uitzondering is als men in het midden van de tafel uitkomt. Dan zal dan opnieuw gestart worden (restart).







